| Sint Janskruid, Hypericum
perforatum, komt in Europa,
Noord-Afrika en West-Azië op zonnige bos- en
weideranden veelvuldig voor. Het is een
zeer "oud" medicinaal kruid wat ook al
in de antieke wereld voor de verzorging van
wonden gebruikt werd. In de Middeleeuwen gold het
Johanneskruid als een "fuga demonum"
een kruid om de duivel te verjagen. Zodoende
heeft dit wondermooie kruid in de volksmond vele
namen die wijzen op deze vermeende eigenschap. |
 |
De
plant draagt de naam Sint Janskruid omdat
de zwarte klieren van de goudgele bloemen een
rood hartje bevatten. In de zwarte puntjes en
streepjes op de bloemstelen, kelk en
bloembladeren zit een rode harsachtige stof,
hypericine, die jeukende irritaties veroorzaken
kan. Wrijft men de zwarte puntjes tussen de
vingers fijn dan blijft de rode hars eraan kleven.
Er is een sage uit de middeleeuwen waarin het
heet, dat de plant ontstond uit het bloed, dat
Johannes de Doper bij zijn onthoofding verloor.
Het
Oudgermaanse midzomerfeest ging over in het
christelijke St. Jansfeest en het juist in de
dagen van de hoogste zonnestand bloeiende kruid
werd gebruikt om het altaar te versieren. De
duivel was evenwel ook actief en perforeerde de
bladeren met duizenden gaatjes, in de hoop, dat
de plant daarvan dood zou gaan. Als men de
bladeren tegen het licht houdt zijn de met
etherische olie gevulde gaatjes goed te zien. Ook
werd het kruid rond deuren en ramen van huizen en
stallen bevestigd om onweer en boze geesten te
weren. |
De bloemhoofdjes van het
Sint Janskruid werden vroeger gebruikt voor de
behandeling van wonden, ontstekingen en
brandwonden. Maar het kruid staat vooral bekend
om zijn werking op de geestelijke gesteldheid.
Bij depressies, angsten, overbelaste zenuwen,
slapeloosheid, beginnende dementie, premenstruele
spanningen en overgangsperikelen werkt St.
Janskruid herstellend, ontspannend en rustgevend.
Het kan ook helpen bij bedplassen als gevolg van
emotionele problemen. Behalve zijn werking op het
zenuwstelsel, heeft St. Janskruid ook een
stimulerende werking op het hormonale stelsel en
de circulatie.
Inwendig kan het kruid als kalmeringsmiddel
gebruikt worden bijv. bij maagproblemen. Het
werkt langzaam maar het geeft een duurzaam
resultaat, bovendien zijn er minder schadelijke
bijwerkingen als bij synthetische producten. |
St. Janskruid maceraat, Oleum
hyperici, is een
uitstekende steun bij de genezing van wonden en
ook aan te bevelen bij een onrustige, onzuivere
huid. Op de huid kan het St. Janskruidmaceraat
onverdund worden gebruikt, maar in de meeste
gevallen is een 1 op 10 verdunning al zeer
werkzaam. Het maceraat is een ideale basis voor massage
olie bij jicht, spierproblemen en artritis.
Gebruik St. Janskruid
maceraat puur of in mengsels
voor de verzorging van; droge of ruwe en schrale
huid, spierpijn, rugpijn, spit, reumatische
klachten, zonnebrand.
contra-indicatie:
Het in de olie aanwezige hypericin verhoogt de
lichtgevoeligheid van de huid; daarom na het
gebruik van de olie niet in de zon en ook niet op
de zonnebank.
Hier een voorbeeld van
toepassing in de huidverzorging:
recept
voor massage-olie bij spierproblemen; voeg aan 50
ml. Zonnebloemolie 25 ml. St. Janskruid en een
paar druppels Lavendel toe, masseer de pijnlijke
spieren met dit mengsel.
recept
voor een huidolie bij een schrale huid; meng 25
ml. Amandelolie met 5 ml. St. Janskruid en 10 ml.
Arganolie. Voeg hieraan een paar druppels
Rozenhout toe. |
| De
meeste vette plantenoliën kunnen zonder risico
ingenomen worden. Sommige zijn heerlijk in
salades of kunnen gebruikt worden om mee te
bakken. De aromatherapie gebruikt vette oliën
als basis in mengsels met etherische oliën. |
|